Inpoldering van de Zuidplas: lezing maandag 27 mei door Gerdien Tober

Al in 1697 is de discussie begonnen om de Zuidplas droog te maken. Uiteindelijk is de Zuidplaspolder in 1840 drooggevallen. Wie hielden zich bezig met de drooglegging? Welke problemen kwam men tegen bij het droogmaken van de polder? Hierover gaat de lezing die Gerdien Tober op maandagavond 27 mei a.s. gaat geven. Eeuwenlange veenwinning ten westen van Gouda leidde tot het ontstaan van de Zuidplas. Gouda heeft van de turf geprofiteerd, maar zag de uitbreiding van deze waterwolf in zijn richting met zorg aan.

Bij de Zuidplas duurde het lang voor het gevaar werd ingedamd. De polder Wilde Venen was al droog in 1655. De Tweemanspolder en de Eendragtspolder bij Zevenhuizen volgden in 1734 en 1753 en de Noordplas bij Waddinxveen in 1765. Pas in de 19de eeuw volgde de drooglegging van de Zuidplas. Daarbij werd voor het eerst stoommachinekracht gebruikt. In de lezing komt ook de actuele vraag aan de orde hoe we droge voeten blijven houden in de polder waar het laagste punt van Nederland ligt, 6,76 meter onder NAP op maaiveld.

Gerdien Tober-Doorn (*1947) woont op 500 meter van dat laagste punt. Samen met haar man had zij er een veehouderijbedrijf. Daarnaast vervulde zij diverse maatschappelijke en bestuurlijke functies, o.a. bij Vrouwen van Nu. Tien jaar is zij in de gemeente Moordrecht wethouder ruimtelijke ordening geweest. In het Hoogheemraadschap van Schieland was Gerdien lid van de Verenigde Vergadering en daarna – tot eind 2004 – Hoogheemraad (dagelijks bestuurder). Thans is ze voorzitter van de Stichting Het Gemaal de Hooge Boezem achter Haastrecht. Ze geeft rondleidingen op het Gemaal Abraham Kroes in Moordrecht.
De lezing wordt gegeven in sociëteit Concordia, Westhaven 27. Aanvang 20:00 uur. Toegang gratis.

Print Friendly, PDF & Email