Gouda eert de dwarsdenker des vaderlands

Print Friendly, PDF & Email

Coornhert als portret

In 1522 werd in de Amsterdamse Warmoesstraat Dirck Volckertszoon Coornhert geboren. Met zijn ideeën voor de vrijheid van consciëntie en de vrijheid van godsdienst zou hij aan de wieg staan van de zogeheten Goudse Vrijheid, een voor Nederland unieke episode uit de geschiedenis waarin en stad principieel en consequent koos voor tolerantie en de poorten opende voor mensen die om hun opvattingen elders vervolgd of verjaagd werden. Ook Coornhert zelf trof dit lot en hij werd met open armen ontvangen in Gouda, waar hij kon denken, schrijven en laten drukken wat hij wilde. Zijn 500ste ‘verjaardag’ is voor Historische Vereniging die Goude (onder de paraplu van en gesponsord door Gouda750) aanleiding uitgebreid stil te staan bij zijn betekenis voor Gouda. Dat wordt gedaan met een keur aan activiteiten. Het Coornhert500-jaar zal op zijn sterfdag 29 oktober 2022 worden afgesloten met een grote Coornhertherdenking in de Sint-Janskerk, de plek waar hij ook begraven is en waar Glas 1 kleurrijk en indringend uitdrukking geeft aan zijn voornaamste boodschap: de Vrijheid van Consciëntie.

Hieronder wordt een overzicht gegeven van de diverse evenementen die in het kader van Coornhert500 worden voorbereid. Daaraan vooraf gaat een korte uiteenzetting van de vier aspecten van Coornherts leef- en denkwereld, die gebruikt zullen worden als ordenend principe om de betekenis van deze veelzijdige filosoof, theoloog, graveur, toneelschrijver, muzikant, dichter en nog veel meer helder voor het voetlicht te brengen.

De (im)perfecte mens

Coornhert heeft nooit een eigen ‘leer’ willen uitwerken. Toch worden zijn religieuze opvattingen aangeduid met een ‘-isme’: het perfectisme. Hij was de overtuiging toegedaan dat God wil dat alle mensen in dit leven zalig worden. Hij zette zich hiermee af tegen het leerstuk van de erfzonde, zoals dat geleerd werd in de katholieke en protestantse Kerk. Het idee achter de erfzonde is dat de mens, na Adams zondeval in het paradijs, zondig geboren wordt. De mens kan in dit leven niet zonder zonde zijn en mag slechts in het hiernamaals hopen op vergiffenis. Coornhert keert zich tegen deze opvatting. De ware erfzonde is volgens hem ‘het aanleren van het slechte’ De mens is volgens Coornhert wel degelijk zelf in staat het goede te leren en zo zalig te worden. Deugd en zonde komen volgens hem voort uit de ‘vrije wil’.

In zijn ogen kan de mens in dit leven Gods genade ontvangen door zich naar Hem te richten en Zijn geboden te gehoorzamen. Dat wil zeggen dat de mens God moet eren en anderen behandelen zoals hij zelf wil worden behandeld. Deugdzaam handelen zal door God worden beloond. Elke mens heeft volgens Coornhert dus in principe de mogelijkheid om de staat van perfectie te bereiken. Zonde komt volgens hem voort uit domheid. De oplossing ziet hij dan ook in de ‘rede’. Door te begrijpen wordt een mens deugdzaam. Tegenstanders van hem bespotten hem wel eens met de bewering dat Coornhert zelf nagenoeg perfect zou zijn, “op een vingerkootje na”.

Vanuit dit mensbeeld schreef Coornhert onder meer de allereerste Nederlandse ethica; Zedekunst, dat is wellevenskunste, waarin hij een handreiking biedt voor een deugdzaam leven. Zijn opvatting over de imperfecte mens brengen hem ook tot het schrijven van een geschrift waarin hij zich keert tegen de uitzichtloosheid van het gevangenisbestaan voor ‘zondaars’. In Boeventucht ontwikkelde hij ideeën hoe gevangenen weer van nut konden worden voor de maatschappij door hen te laten werken.

De scheppende mens

Coornhert probeerde zijn ideeën niet alleen in theologische en filosofische geschriften te verspreiden, maar ook op een meer beeldende wijze. Hij was een vaardig graveur en zette zijn etsnaald nadrukkelijk in om zijn opvattingen over zonde en deugdzaamheid, over de imperfecte en de perfecte mens en over tolerantie in gravures voor het voetlicht te brengen. Het resultaat bestond uit – in hedendaagse ogen – tamelijk moralistische prenten, waarop een soort ‘supermensen’ werden afgebeeld: met perfecte lijven en proporties. Op die manier probeerde hij zijn ‘perfectisme’ ook bijna fysiek in beeld te brengen. Hetzelfde deed hij in de diverse toneelstukken die hij schreef; hierin speelden zelfden ‘echte’ mensen de hoofdrol, maar figuren die bepaalde deugden en ondeugden verbeelden. Het zijn moralistische stukken, die zonder eigentijdse bewerking nauwelijks meer te begrijpen zijn voor de moderne mens.

De (in)tolerante mens

Coornhert was een onvermoeibaar strijder tegen intolerantie. Hij was principieel van mening dat mensen niet gedwongen konden en mochten worden iets te vinden of te geloven. Vandaar dat hij steeds opnieuw ten strijde trok tegen personen, groepen en instanties die hij ervan verdacht die vrijheid van consciëntie (geweten) met voeten te treden. Zo keerde hij zich als medestander van Willem van Oranje bijvoorbeeld al vroeg tegen het geweld van de geuzen, daagde hij gereformeerden uit vanwege hun onverdraagzaamheid en kerkelijke tucht en viel hij de hoogleraar Justus Lipsius fel aan over diens opvatting dat de overheid ketters zou mogen doden in het belang van de vrede en rust in een land. Coornhert was zo compromisloos in de bestrijding van degelijke opvattingen, dat hij soms intolerant in zijn tolerantie was. Zijn denkbeelden over vrijheid van consciëntie hebben grote invloed gehad op het Goudse stadsbestuur, dat dit begrip van gewetensvrijheid decennialang hanteerde als politieke beginselverklaring.

De vluchtende mens

Met zijn opvattingen kwam Coornhert steeds opnieuw in botsing met kerken en overheden. Hij raakte zelfs in gevangenschap in de gevangenpoort in Den Haag. Tot drie keer toe moest hij dan ook vluchten naar het buitenland (Emden, Wezel), omdat hij moest vrezen voor zijn leven. Zelfs toen de jonge Republiek der Verenigde Nederlanden in wat rustiger vaarwater was beland en hij veilig kon terugkeren, werd zijn aanwezigheid niet overal op prijs gesteld. Vaak werd hij gezien als een onruststoker, die de openbare rust en orde in gevaar bracht door bijvoorbeeld publiek het debat te zoeken met zijn tegenstanders. Om die reden werd hij in 1588 de stad Delft uitgezet. Dat was voor Gouda de reden hem van harte uit te nodigen om naar deze stad te komen, omdat hij daar kon schrijven wat hij wilde en kon laten drukken wat hij wilde. Daarmee vonden Coornhert en Gouda elkaar op principiële gronden en werd Gouda niet alleen de plaats waar hij zijn laatste twee levensjaren doorbracht en werd begraven in de Sint-Janskerk, maar ook de stad die het dichtst bij zijn idealen kwam: Gouda is de Coornhertstad bij uitstek geworden, de stad bij uitstek om zijn 500ste geboortedag groots te vieren.

Coornhert-5

 

Activiteiten rondom Coornhert500 jaar

Gedurende het hele Coornhert500 jaar zijn er allerlei activiteiten, zoals lezingen, cursussen en bezienswaardigheden.
Op de volgende pagina is een overzicht van deze activiteiten te vinden: activiteiten overzicht Coornhert500